Het bestuurlijk akkoord dat voormalig premier Evelyn Wever-Croes in juni 2024 ondertekende, was géén bindende overeenkomst. Toch beweren de huidige coalitiepartijen dat de Staten toen niet geïnformeerd zouden zijn. Dat is aantoonbaar onjuist.
Uit de officiële oproepingen blijkt dat Wever-Croes in 2023 naar de Staten kwam in een openbare vergadering, waar moties werden aangenomen die de kaders voor de onderhandelingen bepaalden. Bovendien keerde zij in mei 2024 opnieuw terug naar de Staten, wederom in een openbare vergadering die voor alle burgers te volgen was. Daar legde zij uit dat de onderhandelingen waren afgerond en dat zij het akkoord zou ondertekenen.
Het akkoord stelde expliciet dat bij overeenstemming de rente zou worden verlaagd, maar dat bij het uitblijven daarvan de rente juist zou stijgen. Dat bewijst dat het onderhandelingsresultaat geen definitieve verplichting voor Aruba.
De suggestie dat de Staten destijds buitenspel zijn gezet, is dus niet correct. Integendeel: de Staten waren direct betrokken en hebben de contouren voor de onderhandelingen zelf vastgesteld.

